Home
Westerblog
Op deze pagina kunt u de blog lezen van verschillende gemeenteleden, van jong tot oud.
Na de landelijke verkiezingenEisso van der Leest
Als corrector bij het Nederlands Dagblad is Eisso op allerlei manieren bezig met taal. Nu waagt hij het zelf de pen te hanteren. Eisso is 23 jaar getrouwd met Therese; ze hebben een zoon, Karel, en een pleegdochter, Ria.
15 augustus- Na de landelijke verkiezingen – hoe paradijselijk klinkt dat! – vonden Fo en ik het een goed idee te gaan fietsen. Al pratend over de politieke situatie, waar we geen bijdrage aan hoeven leveren, peddelen we door de Utrechtse Heuvelrug. We rusten bij een uitspanning buiten Hilversum. Ik overhandig Fo een brief die hij mij vele jaren geleden had gevraagd te overhandigen aan een oude vrouw in Zuid-Frankrijk. Mijn prangende vraag is: heeft deze vrouw Vincent van Gogh gezien in het restaurant van haar vader? Na snelle lezing schudt Fo verbluft van nee. Of hij ooit een brief naar zo iemand heeft verstuurd, vergeet ik te vragen.
Op de terugweg stranden we in mul zand, het wordt steeds warmer. Op de gewone weg zie ik dat ik snel naar huis moet voor een afgesproken wandeltocht. Het is inmiddels bloedjewarm. Thuis houd ik het wandelen voor gezien en zijg ik met Therese, mijn vrouw, en met mijn wandelvriend neer in de achtertuin. Dwalend langs diverse onderwerpen zien we de zon zakken en mijn voeten opzetten.
Daarna kan ik nog wel fietsen maar niet meer lopen of joggen. Joop, een medejogger, probeert mij te winnen voor zijn jeu-de-boulesclubje. Zijn buurman, ook een beetje oud, doet al mee. Tot overmaat van ramp verstuikt Therese tijdens onze vakantie in de Pyreneeën haar voet. Dan pas valt het op hoe soepel anderen zich voort reppen. Met Karel, onze zoon, badminton ik vanaf mijn stoel, het niveauverschil is niet onoverkomelijk.
Enkele weken later wandel ik in oud Amersfoort langs het huisje van de kunstenaar Sybrand Steen. Het ligt er verlaten bij. Zijn dood laat een lege plek achter bij de binnenstatters. Ik trof hem meestal op straat. Nog hoor ik zijn vreugdevolle, bijna kinderlijke lach. Hij was onder meer bekend om zijn poppenkastspel.
Verderop lees ik op een schutting iets over een kinderspeelplaats. Een bewoonster komt tevoorschijn. Ze vertelt dat in de vijf straten rondom vijftig gezinnen met jonge kinderen wonen. Maar we horen hen niet. Hier, in de Valkestraat, dreigt de laatste gezamenlijke kinderspeelplaats, beschut en met veel groen, plaats te maken voor een bouwproject. De ouders hebben vereniging de Valkhof opgericht om dat tegen te gaan. Ik wens haar veel succes toe. In sommige plekken in het land worden kinderen van straat geweerd.
Toch niet in Amersfoorts binnenstad? Tijdens de gemeenteraadsverkiezingen hebben BPA, VVD en CU zelfs beloofd zich sterk te maken voor meer gezinnen in oud Amersfoort. Het zou erg zijn als kinderstemmen achter muren worden afgedempt of alleen maar op afgelegen plaatsen mogen klinken. Niet in de laatste plaats om de kinderen zelf.
Ouders, kinderen en hun vakantieAad Kamsteeg
Aad Kamsteeg is journalist en sinds de jaren zestig lid van de gemeente van Amersfoort-West, samen met zijn vrouw Greet.
6 augustus- Ik hoorde eens een uitspraak van een voorganger die me altijd als zeer waar zal bij blijven. Hij zei dat zodra een man en vrouw vader en moeder worden ,,hun geluk nooit meer uitstijgt boven het geluk van hun minst gelukkige kind’’. Herhaal die uitspraak nog maar eens voor jezelf. Iedere liefhebbende ouder zal het herkennen: de mate van je eigen innerlijk geluk hangt onverbrekelijk samen met het al dan niet gelukkig zijn van je kind(eren).
Greet en ik hebben een deel van onze vakantie doorgebracht in Zuidwest Frankrijk, aan de Atlantische Oceaan. Toen onze kinderen nog tieners waren, zaten we daar vrijwel elke zomer. We genoten er van de geweldige golven, dicht bij de even geweldige Pyreneeën. Dit jaar waren drie van onze zes kinderen er ook weer heen getrokken. Voor ons extra reden om er onze in het nabije Souston gestalde caravan te betrekken. En zoals we vroeger samen ons best deden de top van een reusachtige golf te bereiken voordat ze op het strand te pletter sloeg, zo deed ik dat nu met drie volwassen geworden zoons. Ik begrijp het geluk van wijlen mijn schoonvader als hij merkte dat zijn kinderen goed met elkaar omgingen. En ik begrijp ook dat Job het nodig vond veel voor zijn zonen, dochters en hun gezinnen te bidden.
Zo af en toe gaan Greet en ik naar een goede film of kijken we thuis naar een dvd. Terug van vakantie zagen wij de waargebeurde geschiedenis van Irena Sendler (A Courageous Heart). Irene was een Poolse vrouw die tijdens de Duitse bezetting zo’n 2500 Joodse kinderen van de nazi-gaskamers redde. Maar om dat mogelijk maken moesten de waarschijnlijk ten dode opgeschreven ouders voorgoed afscheid van hun kinderen nemen. Hartverscheurend! Er is een afgrijselijke scene in een andere film, Sophie’s Choice, met Meryl Streep, waarin een moeder door een bewaker van Auschwitz wordt gedwongen te kiezen tussen haar zoontje en dochtertje: slechts een van beiden gaat niet direct naar de gaskamer. Om krankzinnig van te worden.
En wij zijn Gods kinderen. Ongelooflijk toch? Niettemin waar. Wanneer is God gelukkig met ons? In mijn vakantie las ik thrillers, maar ook ’66 Love Letters’, het nieuwste boek van Larry Crabb. Ik voelde me echt vereerd dat uitgever Henk Medema me had gevraagd een inleidend woord bij de Nederlandse uitgave te schrijven. Crabb schreef een prachtig boek. Zijn boodschap is dat het God erom gaat dat wij zo van Christus gaan houden dat we uiteindelijk niets liever willen dan Hem met ons leven een plezier doen. God is het gelukkigst als wij ons grootste geluk niet in onze vakantie, ons werk of zelfs ons gezin vinden, maar in Hem.
En daarmee ben ik weer terug bij het begin. Greet en ik lijden mee als een van onze kinderen, schoon- en kleinkinderen qua gezondheid, relaties, werk of wat ook aan den lijve ervaart dat de HERE ons nergens een gemakkelijke weg heeft beloofd. Maar voor Job lag het geluk van zijn kinderen toch in de eerste plaats in de vraag of zij van God hielden. En zo is het ook. Maar dan hebben vader en moeder wel een enorme verantwoordelijkheid. Want juist zij zijn geroepen te laten zien dat niets ter wereld meer vreugde geeft dan het besef dat God echt van je houdt. Daar kan zelfs de kerk – hoe belangrijk ook – niet tegenop.
Naar de kerk in MushiliMatthijs en Simone Laan
Matthijs en Simone Laan zijn getrouwd en trotse ouders van een zoon, Jorik, en een dochter, Ilse Hester. Matthijs en Simone nemen deel aan de Liebenzell Mission in Zambia, waar zij zich bezig houden met het Mushili Aids project.
25 juli- Eindelijk, we zitten weer in de auto! De kinderen zijn stoffig, vies, moe en hongerig. En eerlijk gezegd voelen wij ons een beetje hetzelfde, vooral moe en hongerig dan. Vanmorgen om half 10 vertrokken we om op weg te gaan naar de kerk. En het is inmiddels half twee. Sinds kort gaan we niet alleen meer naar de kerk in de stad, maar gaan we ook regelmatig naar de kerk in Mushili. Dit is het township waar we ook werken. We kennen hier al een heel aantal mensen; werkers van het project, families die Simone heeft bezocht. En omdat deze cultuur erg op relaties is gericht, is het goed voor onze relaties om ook naar deze kerk te gaan.
Officieel begint de kerk om 9.00 uur met een bijbelstudie. Om half tien begint de officiele dienst. Daar de zambiaanse tijd heel wat rekbaarder is dan de nederlandse, vertrekken we om half 10 van huis zodat we om ongeveer kwart voor tien bij de kerk zijn. Er wordt dan al enthousiast gezongen – wij proberen onopgemerkt naar binnen te schuifelen, wat natuurlijk niet lukt. De eerste twee keer moesten we vooraan zitten, nu mogen we gelukkig zelf een plekje uitkiezen, een stuk meer naar achteren dus.
De eerste anderhalf uur wordt er gezongen. Daar genieten we altijd van. Bijna alle liederen zijn in bemba –de lokale taal-, waar we langzaamaan steeds meer van gaan begrijpen. Jorik en Ilse gedragen zich prima, ze klappen mee, lezen boekjes, kleuren wat en vinden het wel gezellig. Daarna komt de collecte, de mededelingen, het bijbellezen, nog meer zingen en uiteindelijk de preek. De preek duurt gemiddeld ruim een uur, en tegen die tijd ben ik buiten met de kinderen.
De kerk is een houten gebouwtje gemaakt van ruwe boomstammen, en buiten zijn betekent stof, rood zand en nog meer stof. De kids vinden het heerlijk om taarten te maken in het zand en zich helemaal vies te maken, wat ik prima vind, ze moeten toch wat te doen hebben. Er zijn ook altijd een hele hoop andere kids die heel graag met Jorik en Ilse willen spelen, wat het voor mij makkelijk maakt. Soms glip ik nog even naar binnen om nog wat van de preek op te vangen, die in het bemba wordt gehouden maar gelukkig vertaald wordt in het engels – of soms andersom.
Voor onze Nederlandse begrippen duurt de dienst erg lang, maar wat is het bijzonder om zo samen met de mensen hier te tijd te nemen om God te aanbidden en samen het geloof te beleven. Kostbare momenten die we niet graag zouden willen missen en waarbij we veel leren van de mensen hier.
Verstandig beleggenGerrit Gunnink
Gerrit Gunnink is een van de twee predikanten van Amersfoort-West. Hij is getrouwd en heeft drie kinderen.
11 juni- Ik had er weinig verwachting van. Van de vergadering van de ‘Particuliere Synode’ van Utrecht op 3 juni jongstleden. Dat is een club van gereformeerde kerken in de provincie Utrecht die in de regel een keer per jaar bij elkaar komt. Vanwaar de scepsis? Omdat zo’n eenmalige ontmoeting in het jaar nu niet direct efficiënt vergaderen bevordert. Niet voor niets ligt er een landelijk voorstel om het hele fenomeen ‘PS’ maar te schrappen. Sceptisch was ik ook vanwege de hoofdmoot van die avond: praten over een doorstart van het zendingswerk. Het werk van vele, vele jaren in Congo was abrupt beëindigd en op een mislukking uitgelopen. Waar haal je dan het enthousiasme vandaan om vrolijk verder te gaan? Nou, van vrolijk verder gaan binnen het oude zendingsdenken was weinig te bekennen en daar werd ik nu juist wel weer een beetje vrolijk van.
Wat gaat er gebeuren? In de eerste plaats is besloten om niet langer alle energie, liefde en geld in een groots project te stoppen, met alle risico’s van dien. Spreiding van risico’s is het nieuwe motto geworden, het lijkt wel op verstandig beleggen. Van Franstalig Afrika wordt geen afscheid genomen, Maar er is nu wel gekozen voor een grote hoeveelheid kleinere projecten. Als er nu nog eens een keer iets misgaat, is het niet meteen desastreus.
Daarnaast is afgesproken, ook in het kader van spreiding, de eerstkomende jaren flink te investeren in hulp aan kerken in het noorden van India. De christenen daar hebben het zwaar, maar ze zijn erg moedig en missionair. Ze hebben er in een hindoeïstisch land veel voor over om andere mensen te vertellen over de hoop die Jezus aan mensen geeft. Het spreekt me erg aan dat we juist daar als Utrechtse kerken proberen een helpende hand toe te steken.
Tenslotte hebben de gezamenlijke kerken van Utrecht gezegd: laten we een potje vormen voor ‘missionaire wereldwerkers’. Je wordt er altijd weer blij van als je merkt, dat er heel wat jongeren en echtparen zijn die graag kortere of langere tijd uitgezonden worden om in Jezus’ naam hulp te verlenen. Met woord en daad. In onze eigen gemeente zijn het René en Martha van Westerlaak (Nepal), Chris en Jurjanne van den Berg (Uganda) en Matthijs en Simone Laan (Zambia) die, al of niet gesteund door thuisfrontcommissies, prachtig werk deden en doen. En niet te vergeten al die jongeren die zich inzetten voor kortere projecten in bijvoorbeeld Zuid-Afrika of Oost-Europa. Het zal in de toekomst mogelijk worden voor deze gemeenteleden om een extra financiële steun in de rug te krijgen. Uiteraard onder bepaalde voorwaarden. Het aardige van dit potje is, dat op deze manier het werk van de Utrechtse Zendingsdeputaten geen ver-van-ons-bed-show blijft.
Deze nieuwe aanpak van het zendingswerk sprak mij aan. Maar er zat me nog wat dwars. Want hoe zit het nu met de verhouding tot het zendingswerk dat we dichtbij doen? We hebben toch ook ICF-Amersfoort? Hier vlak bij de deur willen we contacten leggen met moslims. Grace Church is een andere missionair project vlakbij. Het zendingsveld ligt om de hoek. En alles kost geld. We kunnen ook denken aan het mooie werk dat Henk Bouma in de stad Utrecht doet onder moslims. We kunnen niet langer doen alsof missionair werk ver weg en dichtbij twee totaal verschillende zaken zijn. We leven niet in gescheiden werelden. We hebben kennelijk nog altijd last van een schema dat niet meer van deze tijd is: evangelisatie dichtbij en zending ver weg. Het geld dat dit kost moet tenslotte ook allemaal uit dezelfde portemonnee komen. De synode besloot dit punt op te pakken en het komende jaar te gebruiken om tot een samenhangende visie te komen. Eindelijk. Om in de termen van verstandig beleggen te blijven: deze vergadering van de PS werd geen verloren investering.
Oranje bovenKees Meliefste
Kees Meliefste is werkzaam bij de Universiteit Utrecht en doet onderzoek naar luchtverontreiniging en de gezondheid effecten daarvan bij kinderen en volwassenen. Zijn werk brengt hem nogal eens in contact met andere culturen en omstandigheden.
3 juni- De mensen achterin de rij begonnen nu echt onrustig heen en weer te draaien, op zoek naar alternatieven. Het duurde nu lang genoeg, vonden ze, ik moest nu maar eens opschieten, want hun programma (Eurovisie Songfestival, de finale van X-factor, of was het nu toch de laatste aflevering van de "Pirates of the Carribean") begon bijna, en men wilde natuurlijk niets missen.
Ik realiseerde me dat dit misschien inderdaad niet het beste moment was om naar het "boekje" te vragen. Het meisje tegenover me begreep eigenlijk ook niet zo goed wat ik nu precies bedoelde, en terwijl ik mijn net verworven spullen rustig één voor één in de tas aan het doen was, ging zij de folder van die week voor de tweede keer nog maar eens doorspitten. Daar moest toch in staan waar ik nu recht op zou hebben. Tijdens een biertje met kwarktaart had ik juist die middag gehoord dat je bij aankoop van 4 grote flessen Coca Cola, een voetbalboekje kreeg waar alle wedstrijdschema's instonden van het komende WK. U begrijpt dat ik mij die kans niet wilde laten ontglippen, en 4 flesjes Cola, ach, die komen altijd wel op, toch?
Dus had ik bij het vergaren van alle boodschappen, waarvan wij dachten dat we die deze week nodig hadden, ook de bewuste 4 flessen gedaan. Toen we echter bij de kassa kwamen kreeg ik niet “zomaar” het boekje erbij, dus vroeg ik in mijn onschuld: krijg ik er ook zo'n boekje over het voetballen bij? De grote vraagtekens in de ogen van de caissière maakten direct duidelijk dat dit een volkomen verkeerd omschreven vraag was. Achteraf begrijp ik dat ik had moeten zeggen: “waar is m’n "V.I." van de cola”? (voor de outsiders, V.I. staat voor Voetbal International).
Uiteindelijk liep ik trots met mijn V.I. onder de armen naar buiten, een zucht van verlichting ging door de wachtende rij mensen die eindelijk geholpen konden worden. Ik zal u de opmerkingen maar besparen. Toen ik thuis de V.I. opensloeg en op de middenpagina het uitgebreide schema vond van alle wedstrijden (inclusief tijden en plaats) viel het mij op dat het relatief kleine Europa met wel 13 landen vertegenwoordigd is op het WK, terwijl van het veel grotere Afrika maar slechts 6 landen mee mogen doen. Hoe zou dat nu toch komen, vraag ik me zomaar af.
Is het vooral een commercieel gebeuren, hoe meer mensen kijken, hoe meer er te verdienen valt (van rijke Europeanen kun je nu eenmaal meer plukken dan van arme Afrikanen)? Of kunnen Europese voetballers zoveel beter ballen dan de Afrikaanse ballers? Maar ja, toch halen veel clubs goede voetballertjes uit, bijvoorbeeld, Afrika weg. Dat lijkt trouwens wel een beetje op verkapte slavernij uit het verleden, toen haalden we ook al mensen naar "onze gewesten", om onze winstcijfers omhoog te krikken. Alhoewel een WK voetballer natuurlijk niet te vergelijken is met een slaaf van 200 jaar geleden.
De gemiddelde voetballer is toch meer een idool, een soort godheid, of beter gezegd een afgod. Mensen kijken naar hem op, kopen shirts met zijn naam erop, kleine en grote jongetjes vergapen zich tijdens de trainingen en willen ook worden als hij, en tijdens de wedstrijden krijgt de voetballer de verantwoordelijkheid en het aanzien van zijn land op de schouders. Duizenden en nog eens duizenden zullen hun acties “live” volgen in de stadions en miljoenen kijkers zullen meegenieten via TV en PC.
De inschatting is dat een kwart van de Nederlandse bevolking tijdens de wedstrijden vrij neemt, nog eens een derde gaat op het werk kijken of luistert in de auto mee, de laatste groep lijkt het niet zo te interesseren, maar zal ongewild toch worden meegenomen in de hype, en zal tijdens nieuws en reclame helemaal bij blijven met het nationale team. En eerlijk gezegd geeft het met elkaar kijken naar een zegevierend team een enorm gevoel van saamhorigheid. Er wordt wat afgediscussieerd en getoast, mensen van wie je het niet zou verwachten hebben plotseling haarscherpe analyses van succesmomenten van "ons team", ook fouten en overtredingen van de tegenstanders worden breeduit besproken, en de “scheids” is nooit helemaal eerlijk en fluit bij nederlagen altijd partijdig.
Met elkaar doen we voor 15 miljoen euro mee aan allerlei pools op het werk, voor “the fun” zeggen we dan, voor Haïti kregen we 8 miljoen bij elkaar… Toch blijft het een vreemd gebeuren dat we zo warm kunnen lopen voor de “aardse goden” en de enige echte wereldkampioen, de winnaar van deze wereld, zomaar helemaal kunnen vergeten. Als we daar nu eens alle mensen voor warm kregen.
Ramp in Oeganda: helpt u Kaja om te helpen?Chris en Jurjanne
Voor de Kaja Foundation zijn Chris en Jurjanne actief in Oost-Afrika. Sinds oktober 2008 zetten zij zich in voor de wees- en straatkinderen in Kampala, Oeganda en helpen zij bij de bouw van een kinderdorp.
Donderdag 11 maart- Begin maart is Oeganda getroffen door een grote landverschuiving, met een enorme modderstroom tot gevolg. Tot nu toe zijn er 92 lichamen geborgen, maar nog zeker 350 volwassenen en kinderen worden vermist en liggen hoogst waarschijnlijk bedolven onder de modder. Duizenden mensen zijn geëvacueerd, omdat de kans op herhaling groot is. De ramp heeft plaatsgevonden in het berggebied Mount Elgon in het oosten van Oeganda, in het district Bududa. Huizen, scholen, medische klinieken, kerken en vele mensen waaronder veel kinderen, zijn verdwenen…
We merken dat de noodhulp in het getroffen gebied moeizaam op gang komt. Het gebied is hooggelegen (hierdoor zeer koud) en door aanhoudende regenval moeilijk bereikbaar. Ook de geringe media-aandacht in bijvoorbeeld Nederland speelt hierbij een rol. Op dit moment gaat veel aandacht uit naar de rampen in Chili, Zuid-Europa en Haïti. Hierdoor lijkt de aandacht voor de tragedie in Oeganda onder te sneeuwen. Maar hulp is ook hier hard nodig!
Vanuit Kampala zijn wij als Kaja Foundation in de gelegenheid om samen met lokale organisaties directe hulp te bieden. We zijn in gesprek met het Rode Kruis om een goede lijst samen te stellen van de materialen die nodig zijn. Samen met o.a. Joseph en de oudste jongens van Bulamu komen we in actie. De overlevenden van de ramp zijn alles kwijt; familieleden, ouders en/of kinderen, hun huis en al hun bezittingen. Door zelf af te reizen naar het noodgebied kunnen we de mensen direct helpen. We willen ze voorzien van dekens, tenten, eten, kleding en medicatie.
Uw donatie is onmisbaar! Wij zorgen ervoor dat het bij de mensen in Bududa terecht komt.
Maak uw donatie over op 1224.59.474 t.n.v. Kaja Foundation o.v.v. Noodhulp Oeganda. Doneren kan ook via de site www.kajafoundation.nl. We houden u op de hoogte!
Chris & Jurjanne
Weer een jaar voorbijChris en Jurjanne
Voor de Kaja Foundation zijn Chris en Jurjanne actief in Oost-Afrika. Sinds oktober 2008 zetten zij zich in voor de wees- en straatkinderen in Kampala, Oeganda en helpen zij bij de bouw van een kinderdorp.
29 januari- 2009 is uit en 2010 is in. Weer een jaar voorbij. Wat vliegt de tijd. 2009 kende zijn mooie en gezegende dagen maar bracht ook veel zorgen en verdriet mee. Natuurlijk de grote zorgen die wij hebben rondom de adoptie en voogdij van Chris Mugisa, we hopen en bidden dat hij bij ons mag blijven. Daarnaast verdriet om al de mensen die we afgelopen jaar hebben verloren, het lijkt zo onnodig als er acht baby’s sterven, vrienden omkomen bij ongelukken en mensen om ons heen sterven omdat ze geen 2,50 hebben voor een malariatest en medicijnen. We worden er stil van, leggen het neer bij God en proberen verder te gaan met ons mooie maar ook moeilijke werk.
Gelukkig zijn er ook genoeg mooie dingen gebeurd in 2009. Chris Mugisa is natuurlijk bij ons komen wonen en is volop gezond en, naar ons idee, gelukkig. Complete verhalen in het Engels en Nederlands begint hij vanuit zijn kinderstoel te vertellen. Ook op het project gaat het goed. De bouw vordert. Van de vijf woningen zijn de laatste twee nu in aanbouw. Een van deze woningen is gesponsord door Wings of Support foundation (KLM). Deze woning is bijna af. De andere woning is nog echt in aanbouw. Op dit moment zijn de bouwvakkers het dak aan het plaatsen verwachting is dat het eind februari in gebruik genomen kan worden.
Deze laatste woning is gesponsord door Gert en Els Nijhof-van Loon uit Utrecht. Gert is een oud jaargroepsgenoot van Chris, ze hebben op dezelfde studentenvereniging gezeten. Tien jaar geleden heeft Gert de doelen op geschreven die hij in 2011 bereikt zou willen hebben. Bij een opruimingsactie thuis stuitte hij vorig jaar op dit 10 jaar geleden geschreven document. Een van doelen die erbij stond was het bezitten van een huis in Oeganda aan een meer!! Laten wij nu net het kinderdorp bouwen aan een meertje.
Gert en Els hebben afgelopen jaar allerlei activiteiten ontplooid om zo voldoende fondsen te werven voor de bouw van een huis in Bulamu Childrens Village en het is gelukt!!!! En meer dan dat! Afgelopen maand zijn ze naar Oeganda gekomen om een start te maken met de bouw van hun woning voor de kinderen van Bulamu. Vanwege de hoge opbrengst kunnen we naast het huis ook nog voor de eerste twee rijen huizen het rioleringssysteem aanleggen. We zijn blij verrast hoe mooi God de dingen leidt in het leven en verschillende wegen weer bij elkaar brengt met als opbrengst een mooi huis en thuis voor de weeskinderen van Oeganda.
Met de stichting Kaja Foundation gaat het ook erg goed. De gehouden decemberactie is geslaagd! Om alle kinderen in februari naar school te laten gaan hebben we € 18.000,- nodig. Half december zijn wij met de actie begonnen en we hebben nu al 90% van dit bedrag aan donaties mogen ontvangen. Een grote ZEGEN! Een ieder die binnen de Westerkerk hieraan zijn/haar steentje heeft bijgedragen: bedankt.
Ook heeft er binnen de kerk een collecte plaatsgevonden met de doelen onderwijs, medische verzorging en voedingsmiddelen. Een opbrengst van € 1.206.90. Erg hoog. Bedankt! We kunnen de gelden goed gebruiken voor de projecten. Een gedeelte van deze opbrengst is naar het project voor medische verzorging gegaan. En dit was ook hard nodig. De laatste weken waren er erg veel kinderen die naar de doktor moesten, we hadden een geval van open TBC waardoor een aantal andere kinderen ook gecheckt moest worden, veel nare ontstekingen en zelfs een oogoperatie. Met de opbrengst van de collecte konden we deze oogoperatie betalen. Bedankt dat jullie samen deze jongen zijn zicht weer hebben terug gegeven. Hij was blind en kan nu weer goed zien!
Het gaat verder goed met de stichting Kaja Foundation. De stichting groeit hard. Het opheffen van de thuisfrontcommissie en het versterken van het bestuur van de stichting werpt zijn vruchten af. Met een huidig sterk bestuur en een aantal ambassadeurs die ook werkzaamheden voor de stichting verrichten hebben we in Nederland een goede basis neergelegd om het werk in Oeganda te kunnen ondersteunen en te begeleiden.
Bij ons in Oeganda wordt het ook steeds drukker. Door de groei binnen de projecten komen er ook allerlei werkzaamheden bij. Om deze reden zijn wij nu aan het nadenken of wij niet een vrijwilliger vanuit Nederland voor een langere periode naar Oeganda kunnen halen om werkzaamheden van ons over te nemen zodat wij de focus kunnen houden op onze primaire werkzaamheden.
Het is mooi om te zien dat het werk vordert en vrucht draagt.
Dank u Jezus!!!
Productie draaien in de zorgDorine Heij
Dorine is in het dagelijks leven werkzaam als psychomotorisch therapeut in de kinder- en jeugdspsychiatrie. Ze heeft een voorliefde voor Afrika en is in het bijzonder begaan met kansarme jongeren in Zuid Afrika. Voor hen zet ze zich daadwerkelijk in via Stichting Adventure 'n Beyond Nederland. Dorine woont sinds 2003 in het Soesterkwartier.
4 december- Het is een druk gepraat als ik ons ‘vaktherapeuten’ kantoor binnenloop. We hebben allemaal die ochtend in ons postvakje onze productiecijfers van die maand gekregen. Ja productiecijfers in de zorg! De eerste is het en keurig met een grafiekje erbij. De weken vooraf zoemde het al rond. Iedereen moet zijn productie wel halen. Als je het niet haalt, moet je bij ‘de baas’ komen.
Minister Klink gaat in 2010 € 119 miljoen bezuinigen in de geestelijke gezondheidszorg. Er zijn al collega-instellingen die failliet dreigen te gaan en bepaalde afdelingen hebben moeten sluiten. De aanname dat de crisis mij niet zou treffen blijkt misschien toch ongegrond. Tijdelijke contracten van collega’s worden niet verlengd. Het kan maar zo gebeuren dat er minder sociotherapeuten in de klinieken werken. Ook zal er lager opgeleid personeel worden aangenomen. Dat dit de veiligheid en de kwaliteit van zorg in gevaar kan brengen, lijkt minister Klink niet te deren.
Maar afgelopen week was het dus zo ver. Alle behandelaren met hun persoonlijke productie cijfers zwart op wit. Ook de zorgverzekeraars hebben een nieuw systeem bedacht. Het is nu belangrijk dat ik nauwgezet registreer hoeveel tijd ik de jongere face to face zie. En hoeveel tijd ik met een collega over een jongere overleg.
Nog iets geks is: in het vorige systeem was het voordelig om veel (grote) groepstherapieën te doen. Dit leverde namelijk per jongere een bepaald bedrag op, nu is dit juist onvoordelig. Want de groepstijd wordt verdeeld over het aantal jongeren dat je hebt. Voordeel voor zo’n jongere in een grote groep is echter wel dat er minder van zijn budget afgaat per therapie uur en hij dus langer therapie kan krijgen.
Als ik nou mijn groep van 6 jongeren in tweeën splits, levert dit voor onze instelling meer op. Voor de jongeren van de betreffende groep is het echter beter (lees: passender voor hun leerdoelen) om met zijn zessen te zijn en niet in een kleiner groepje van 3. En als ik nu die groep samen met een collega doe? Hoe zit dat dan financieel? Maar dat wil ik me helemaal niet hoeven af te vragen. Ik ben geen therapeut geworden om te bedenken hoe ik zoveel mogelijk geld kan binnenhalen. Maar hoe ik zo goed mogelijk therapie kan geven.
|